Het federale operahuis in de hoofdstad van Europa

DE MUNT LA MONNAIE

© Constance Proux

De liefdevolle blik

Peter de Caluwe stelt het seizoen 2021-22 voor

Leestijd
9 min.

Nieuwe creaties, heruitgevonden klassiekers en de terugkeer van iconische producties, alles samen niet minder dan 12 opera's; maar ook de 250ste verjaardag van ons Symfonieorkest, het volledige expressieve spectrum van de stem in onze recitals en het beste van de dans: dit is het Muntseizoen 2021-22, voorgesteld door Algemeen directeur Peter de Caluwe.

De blik van het publiek. De blik van de artiest. Blikken die elkaar ontmoeten in een theaterruimte die we reserveren voor de verbeelding. Het is de essentie van een voorstelling. In deze beloftevolle lentemaand durven we u weer een normaal operaseizoen vol liefdevolle blikken voor te stellen. Maar wat heet vandaag normaal?

Op deze eerste pagina’s van onze nieuwe seizoensbrochure zou het al te makkelijk zijn om te spreken over het omslaan van een bladzijde. En toch mag het culturele seizoen 2021-22 als een nieuwe start worden bestempeld. Wellicht nog niet de jubelende aftrap waarop we tot vandaag blijven hopen, maar desalniettemin presenteren we een programmering die blaakt van optimisme en positivisme. Want we durven er wel degelijk van uit te gaan dat we u vanaf september opnieuw tien maanden lang live opera mogen laten beleven.

Hoe ontwrichtend het afgelopen jaar geweest is, hoef ik niemand uit te leggen. De maatschappelijke en psychosociale gevolgen van de pandemie zijn immens. Maandenlang hebben we noodgedwongen op onze culturele honger moeten zitten. Al vanaf het prilste begin van de crisis besloten we om de Munt draaiende te houden; om achter de schermen actief te blijven werken – via telewerk of, voor wie niet anders kon, coronaveilig in de ateliers; om de projecten waarin reeds zo veel middelen geïnvesteerd waren te behouden; om de afgesloten contracten met muzikanten, zangers, regisseurs, en andere kunstenaars zo veel mogelijk te honoreren. We werkten telkens weer toe naar een nieuw begin, om dan de spanriem opnieuw te moeten aanhalen. We leefden op hoop, al waren de eindeloze annuleringen zelfs voor de meest optimistisch gestemde zielen steeds weer een slag in het gezicht. Het afgelopen jaar heeft een immense weerbaarheid van het voltallige Muntpersoneel gevraagd. Ik wil alle collega’s hier dan ook nogmaals hartelijk en oprecht bedanken voor de opmerkelijke prestatie die ze tijdens deze crisis geleverd hebben. Door te blijven geloven in onze missie en in onze bestaansreden.

Uiteraard hebben deze quasi operaloze maanden gevolgen voor onze programmering in het seizoen 2021-22. Meer nog, ze husselden alle resterende seizoenen van mijn mandaat bij de Munt grondig door elkaar. Sommige producties kregen in de afgelopen maanden een nieuwe invulling, waardoor de artistieke equipes aan het werk konden blijven, maar heel wat andere projecten werden uitgesteld naar later, naar nu. Zo doet het me plezier dat we de wereldcreatie van The Time of Our Singing en onze twee concertante opera’s dit seizoen, De Kinderen der Zee en Parsifal, met een beetje vertraging alsnog aan ons publiek kunnen voorschotelen.

“I have used the word ‘attention’ [...]
to express the idea of a just and loving gaze
directed upon individual reality.
I believe this to be the characteristic and
proper mark of the active moral agent”
Iris Murdoch

In het seizoen 2021-22 trekken we volop de kaart van bekend repertoire: Carmen, Norma, Lulu of het Requiem van Mozart. Stuk voor stuk werken met een onnoemelijke emotionele kracht. Die emotie is een cruciaal onderdeel van de belevenis die we te lang hebben moeten missen. Maar tegelijk zijn het prisma’s waardoor we onze eigen samenleving kunnen belichten. Maandenlang zijn alle politieke en maatschappelijke thema’s die kunst in normale omstandigheden dient aan te kaarten, ondergesneeuwd in een onophoudelijke stroom aan COVID-prioriteiten. Nu kunnen we eindelijk opnieuw onze artistieke missie oppikken en door middel van opera vraagtekens plaatsen bij de wereld die ons omringt.

We hopen met onze producties uw verbeelding te stimuleren, en niet alleen uw fantasie. Een formulering die ik even leen van de Britse romanschrijfster en filosofe Iris Murdoch. Omdat ik haar geschriften zo perfect van toepassing vind op onze situatie vandaag. Zij ziet kunstbeleving immers als een mogelijkheid tot persoonlijke ontwikkeling. Het gaat haar om kunst die ons in contact doet komen met de wereld en met andere levens. Kunst die je buiten de cirkel van je eigen ego doet breken. Door zo’n momenten van confrontatie een beter mens worden, ik geloof erin. Al te lang was cultuur geen prioriteit in het beleid, maar wel in de behoefte. Die leemte moeten we nu met overtuiging weer opvullen.

In dit opzicht houden we met Norma en Les Huguenots een duidelijk pleidooi voor meer tolerantie, of geven we eerder een waarschuwing voor het gif van intolerantie. In Norma plaatst regisseur-scenograaf Christophe Coppens Vincenzo Bellini’s Romeinse liefdesdriehoek in een identitaire en gesloten wereld, waarbij het belcanto unheimisch contrasteert met de kille oorlogsdreiging en de verscheurende emoties in het libretto. In Les Huguenots schildert theaterman Olivier Py, met de muziek van Giacomo Meyerbeer als penseel, dan weer een portret van het religieuze fanatisme in het zestiende-eeuwse Frankrijk. Voor Muntgetrouwen wordt het een herontdekking met deze grand opéra, die precies tien jaar geleden in Brussel in première ging en daarmee internationaal bijdroeg aan de Meyerbeer-revival.

Nog zo’n succesvoorstelling die het verdient om door een nieuwe generatie operaliefhebbers ontdekt te worden, is Krzysztof Warlikowski’s visie op Lulu uit 2012. De Poolse regisseur puurde uit Alban Bergs opera een confronterend verhaal over emancipatie, overgave en het meermaals overschrijden van grenzen. Net als toen kruipt de fenomenale Barbara Hannigan in de hoofdrol van een femme fatale die knokt met zichzelf, het noodlot, en haar positie in een door mannen gedomineerde wereld.

Barbara Hannigan (Lulu, 2012)
Barbara Hannigan (Lulu, 2012) © Bernd Uhlig

Ook in Carmen staat een zelfverzekerde en vrijgevochten jonge vrouw centraal. Met zijn controversiële interpretatie hercontextualiseerde regisseur Dmitri Tcherniakov Georges Bizets kassucces, waarbij hij aan de hand van herschreven dialogen een nieuwe raamvertelling creëerde. Een man tracht er zijn relationele strubbelingen te overwinnen via een therapeutisch rollenspel, gebaseerd op het overbekende libretto. Deze Carmen was met stip een van de meest intrigerende voorstellingen die ik de afgelopen jaren op het festival van Aix-en-Provence zag, en ik ben dan ook blij dat de Munt als coproducent het Brusselse publiek deze voorstelling kan laten ontdekken.

Eenzelfde keurmerk verdient ook Romeo Castellucci’s geënsceneerde versie van Mozarts Requiem, waarmee we één van onze centrale regisseurs – met werk van een van onze meest gespeelde componisten – opnieuw naar Brussel brengen. In samenwerking met dirigent Raphaël Pichon maakt de visionaire multi-artiest van deze iconische dodenmis een afscheidsbrief aan de fauna, flora, cultuur en het erfgoed die door de mensheid permanent vernield zijn. Een aangrijpende geschiedenisles die voor een keer niet door de winnaars, maar door de verliezers gedicteerd wordt... en die het publiek met een louterend schuldgevoel achterlaat.

Zoals u merkt staan er dit seizoen opvallend meer reprises en coproducties op het programma dan u van ons gewend bent. We zien nu het resultaat van de investeringen in en de samenwerkingen met onze partnerhuizen. Dit keer gaan niet enkel Muntprojecten naar andere theaters maar komen ook hun realisaties bij ons op de planken. En wat reprises betreft: sta me toe te benadrukken dat de intrinsieke kwaliteit van een productie altijd primeert. Wanneer we beslissen om sterke interpretaties opnieuw op de planken te brengen, is dat omdat we ervan overtuigd zijn dat deze ensceneringen een decennium na de première nog geen sikkepit aan creatieve kracht moeten inboeten.
De straffe casting van de originele reeks werd in het geval van Lulu en Requiem deels behouden, terwijl we voor Carmen naast de premièrecast ook een sterke revivalbezetting voorstellen. Bij Les Huguenots, ten slotte, treedt niet alleen een nieuwe dirigent, Evelino Pidò, maar ook een volledig aangepast solistenensemble aan.

Toch blijven we bovenal een creatiehuis. Blijven inzetten op opdrachtwerken is een van de fundamenten van mijn huidige mandaat. Zelfs in het rampzalige coronajaar zijn we daar met onze virtuele wereldcreatie Is this the End? in geslaagd. Ook bij de seizoenstart in september spelen we onze rol als house of creation, met Kris Defoorts nieuwe opera The Time of Our Singing, naar de magistrale roman van Richard Powers. Nu de Black Lives Matter-beweging de wereld wakker schudt, is een actueler thema moeilijk te bedenken. Maar los daarvan blijft dit ook een intiem verhaal over een raciaal gemengd gezin in de VS, dat verbonden én uit elkaar gedreven wordt door de muziek. We prijzen ons gelukkig dat we deze rollercoaster tussen jazz, hiphop en klassiek alsnog boven de doopvont kunnen houden.

Behalve deze creatie brengen we in de loop van het voorjaar ook nog Here’s the Woman!, het tweede deel van Jean-Luc FafchampsIs this the End?, en in het kader van onze samenwerking met het European Network of Opera Academies (enoa) het project Zelle van componiste Jamie Man.

“In het theater gelden enkele ijzeren wetten:
prikkel de interesse, verras en ontroer,
of doe eens goed lachen.”
Giacomo Puccini

En dan is er nog Puccini. Misschien niet altijd even aanwezig in de Munt, maar na de Tosca waarmee we het seizoen 2020-21 afsluiten, volgt er in het voorjaar van 2022 een nieuwe productie van Il trittico, zijn drie bekende eenakters Il tabarro, Suor Angelica en Gianni Schicchi. Drie tijden, drie settings, drie ‘kleuren’ waarbinnen Puccini de eenheid zocht. Dat doen wij ook, door deze trilogie op één en dezelfde avond te presenteren. Voor zijn tweede regie in de Munt behoudt Tobias Kratzer de door Puccini beoogde volgorde van de stukken en verweeft hij de verhalen tot een geheel, als een cirkel zonder einde maar wel met onderlinge referenties. Alain Altinoglu zet er zijn ontdekking van het Puccini-repertoire bij ons mee verder. Eerder op het seizoen leidt hij ook Lulu en de beide concertante opera’s Parsifal en De Kinderen der Zee.

Naast onze operaproducties blijven we uiteraard ook op de andere pijlers van ons huis inzetten: een brede waaier aan dansvoorstellingen – binnen het Troika-partnerschap met KVS en het Théâtre National – originele liedavonden, intieme kamermuziekconcerten en dit seizoen een toch wel ‘historische’ concertreeks van ons symfonieorkest. In 2022 viert het orkest van de Munt immers zijn tweehonderdvijftigste (!) verjaardag. Dat laat Muziekdirecteur Alain Altinoglu niet onopgemerkt voorbij gaan. Wij bieden u op deze website alvast alle concerten van het hele jubileumjaar aan.

Om af te sluiten, toch nog even terug naar Iris Murdoch. In haar filosofie gaat het over hoe verschillende individuen in elkaars leven verstrikt raken door concrete menselijke ervaringen. Ik vind het een prachtige samenvatting van wat we in de Munt doen. Intense ontmoetingen aanbieden door het presenteren van podiumkunst. We creëerden over de jaren heen een hechte ploeg van artiesten die ook u ondertussen on a first name basis kent. Na een woelig jaar kunnen we onze Muntfamilie opnieuw samenbrengen: op scène een mix van vertrouwde gezichten en een aantal nieuwkomers, in de zaal hopelijk hetzelfde!

Ik kijk ernaar uit u terug te zien.

Foto : © Constance Proux – Courtesy Nathalie Salamero

Deel deze pagina