Fr  |  Nl  |  En

MyMM




Newsletter

Voornaam
Naam
E-mailadres

Schubert Quartette

Filtreren op media: 

Schubert Quartette

Interview Konrad Jarnot

De Munt - Interview Konrad Jarnot

In 2011 brachten Marlis Petersen, Anke Vondung, Werner Güra en Konrad Jarnot in de Munt drie verrassende cycli met Liebeslieder van Schumann. Aan de start van het seizoen keren ze terug met een niet minder origineel programma. De vocale duo’s, trio’s en kwartetten van Franz Schubert illustreren de veelzijdigheid van het creatieve genie van de componist. Deze korte vocale ensemblewerken werden geschreven voor bijeenkomsten onder vrienden, de befaamde ‘Schubertiades’, en ze getuigen van een meesterschap en een vrijheidsdrang die de toehoorder meteen weten te bekoren…

Hoe is uw kwartet tot stand gekomen?

Werner wilde altijd al de Liebeslieder-Walzer van Brahms zingen. Inmiddels zeven jaar geleden ging hij de uitdaging aan om een kwartet van hoog niveau samen te stellen om die werken te zingen. Dat was het begin van ons ensemble. Het probleem zat hem in het op elkaar afstellen van de overvolle agenda’s van vier zangers, en niet te vergeten die van twee pianisten (de stukken van Brahms zijn geschreven voor piano vierhandig). Onze agenten waren aanvankelijk enigszins beducht, en ze vreesden dat het een onmogelijke opdracht zou blijken. Uiteindelijk hebben we de kwartetten van Brahms achtentwintig keer kunnen uitvoeren! Meteen daarna hebben we dan ook de opnamen van Schubert en Schumann gemaakt. Na twee, drie jaar samenwerking zijn we een hechte familie geworden. We hebben af en toe de ene of de andere zanger moeten vervangen, wegens ziekte of een verplichting. Maar we zijn toch de vaste kern van dit kwartet.

Repeteert u vaak samen?

Als we de tijd vinden, repeteren we drie dagen na elkaar gedurende vijf, zes uur. Dat is dus heel intens!

Hoe voelt u zich na afloop?

Doodmoe! Maar dat hoort bij het beroep. Ik denk dat het komt doordat we veel energie en liefde in dit kwartet investeren. Er is geen ander kwartet van dit niveau, dat beseffen we. We ervaren dat dan ook als een verantwoordelijkheid, en proberen de best mogelijke resultaten te bereiken.

Had u het gevoel dat er plaats was voor een nieuw kwartet?

We dachten er niet op die manier over. We wisten gewoon dat we elkaar op het juiste moment hadden ontmoet. Er bestaan uiteraard nog wel meer kwartetten, maar die zijn niet zo gevestigd als wij. Vroeger waren er Edith Mathis, Brigitte Fassbaender, Peter Schreier en Fischer-Dieskau: dat was HET kwartet van de jaren 1970-80. Nu is het aan ons!

Hoe voelt het dan om HET kwartet van vandaag te zijn?

Goed! Het bijzondere aan ons kwartet, is dat we in staat zijn om ‘solo te denken’ (we zijn allemaal in de eerste plaats solisten) en ons tegelijk ook op elkaar af te stemmen. Dat is de grote charme van ons ensemble.

Heeft iemand de leiding over het kwartet, of werken jullie samen op voet van gelijkheid?

Niemand van ons cijfert zich weg. Als u het over een primus inter pares wilt hebben, dat zeker de sopraan, omdat die de belangrijkste melodielijn voor haar rekening neemt. Wat haar daarom echter niet superieur maakt ten opzichte van de anderen. En ze wil zich in ieder geval zelf niet als zodanig beschouwen. Wat mezelf betreft, de bariton of bas ‘is er’ doorgaans gewoon, en zingt zijn part. Maar dat is niet wat wij willen – we beschouwen ons werk als dat van gelijke partners. We zijn een echt kwartet: dat wil zeggen, een groep muzikanten die op dezelfde golflengte zitten en naar elkaar luisteren. Dus nee, niemand speelt de eerste viool! Dat zou ook niet kunnen. Het zou niet werken.

Van eerste violen gesproken: kun je een vocaal kwartet vergelijken met een strijkkwartet?

Ja, we moeten naar elkaar kijken, samen ademen, samen repeteren… Het gaat om een interactie, een nooit ophoudende afwisseling van vragen en antwoorden.

Op scène beweegt u nauwelijks en communiceert u vooral met uw gelaatsuitdrukking…

Ik zie geen reden om de hele tijd te bewegen. Als alles duidelijk wordt gemaakt door het gezicht en de blik, is er niet nog iets nodig, lijkt me. Ik heb van nature niet de neiging om te gesticuleren.

In dit programma zingt u met partituur. Voelt u zich dan even verbonden met het publiek als wanneer u uit het hoofd zingt?

We zingen nagenoeg uit het hoofd, eerlijk gezegd. Maar aangezien we met zijn vieren zijn, is het soms beter de partituur voor ogen te hebben. Je weet maar nooit. U zult merken dat geen van ons de hele tijd naar zijn partituur kijkt. We komen ervan los. We hebben tot nog toe vier of vijf keer de Kwartetten van Schubert gebracht. Dat is niet veel, in vergelijking met Brahms. We zongen Brahms bijna helemaal zonder partituur. En dat zal mettertijd ook zo zijn voor Schubert.

Het eerste deel is vrolijker, het tweede ernstiger. Waarom zingt u de liederen in die volgorde?

We beginnen met de lichtere liederen omdat Schubert zijn ernstigere werken heeft geschreven met die vrolijkere nog in gedachten. Volgens mij begint het publiek in het tweede deel de grond van zijn muziek te vatten. En op die manier kunnen we tijdens een bisronde terugkeren naar een staalkaart van het eerste, vrolijkere deel.

Wie heeft het programma samengesteld? Hebt u iedere solo, ieder duet enzovoort zelf gekozen?

Ja, en we hebben ook minder bekende stukken gevonden. Weinigen kennen bijvoorbeeld het Lied der Delphine. Een ander meesterwerk is Der Hochzeitbraten. Dat is zo goed geschreven, zo goed verweven. Ik denk dat het geen toeval is dat onze opname onlangs is bekroond met een Diapason d’Or. Dat is niet alleen te danken aan onze vertolking, maar ook aan het feit dat men deze weinig bekende stukken nu heeft ontdekt.

Dit wordt uw derde concert in de Munt. Wat kunnen de toeschouwers die u al twee keer eerder kwamen beluisteren nu verwachten? Wat zal er deze keer anders zijn?

Het is iedere keer weer een fantastische ervaring om terug te keren naar de Munt. Deze keer zal het publiek een betere kijk krijgen op onze humoristische kant en ons acteertalent. Die hebben we tijdens die andere twee concerten niet kunnen tonen, zeker niet met Schumann, die veel ernstiger is, veel intellectueler. Schubert is dat minder. Het tweede deel is serieuzer, maar daarom niet intellectueel. De zon blijft toch schijnen!

In de teksten of in de muziek?

In de muziek. Schubert is soms zoals Strauss: zelfs op de somberste momenten is er nog altijd een zonnestraal…

Opgetekend door Charlotte Panouclias

article - 5.9.2013

 

Schubert Quartette
Recital

 Drukken

La Monnaie ¦ De Munt
Keep the
lights on!