Fr  |  Nl  |  En

MyMM




Newsletter

Voornaam
Naam
E-mailadres

Lothar Koenigs

Filtreren op media: 

Lothar Koenigs

Interview Lothar Koenigs

De Munt - Interview Lothar Koenigs

Lothar Koenigs dirigeert dit boeiende concert met werk van de componisten die door de weduwe van Alban Berg werden gecontacteerd om het derde bedrijf van Bergs onafgewerkte opera Lulu te voltooien: Arnold Schoenberg, Anton Webern en Alexander von Zemlinsky. Aan hun zijde staat Johannes Brahms, de ‘progressive’ zoals Schoenberg hem omschreef. Een Weens programma door een dirigent die zijn fascinatie voor de glorievolle jaren van deze hoofdstad niet ontkent.

Het feit dat u in de periode dat u Bergs Lulu dirigeert, ook muziek van Schoenberg, Webern en Zemlinsky in een concertprogramma samenbrengt, kan toch geen toeval zijn...

Nee, inderdaad verwijst dit programma in hoge mate naar Lulu. Alban Bergs weduwe Helene heeft na zijn dood aan drie componisten gevraagd om het derde bedrijf van Lulu te voltooien, namelijk aan Schoenberg, Zemlinsky en Webern. Alle drie hebben ze haar verzekerd dat het mogelijk was Bergs onafgewerkte opera te voltooien, maar alle drie hebben ze de opdracht ook afgewezen, weliswaar om heel verschillende redenen. Arnold Schoenberg struikelde over een passage in het derde bedrijf van het Lulu-libretto waar er sprake was ‘Saujud’, iets wat hij in die periode van oplaaiend antisemitisme niet kon accepteren. Anton Webern had dan weer een heel ander idee van componeren dan Berg: hij werkte dagenlang aan een stuk dat dan misschien maar elf seconden zou duren. Op deze wijze had hij de Lulupartituur nooit afgewerkt of zelf iets persoonlijks geschreven... Alexander von Zemlinsky is dan weer een ander verhaal: hij was absoluut niet thuis in de wereld van de dodecafonie. In zijn composities heeft Zemlinsky het harmonisch, laatromantisch idioom nooit verlaten: in bepaalde composities wordt de harmonie wel tot het uiterste uitgebreid, maar hij is nooit atonaal geworden!

Hoe past Brahms dan in dit verhaal?

We wilden werk van de drie genoemde componisten combineren met werk van een componist die voor de Tweede Weense School steeds als een lichtend voorbeeld heeft gegolden, namelijk de goede, oude Johannes Brahms. Om tal van redenen – niet alleen op vlak van de vorm – roemde Schoenberg in zijn lessen Brahms steevast als een van zijn grote voorbeelden. Hij doceerde veelal aan de hand van Brahms’ partituren. Schoenberg ging hiermee tegen de vooroordelen van vele tijdgenoten in die in Brahms een conservatief componist meenden te zien – hij zag hem meer als “Brahms de Vooruitstrevende”. Daarom hebben we deze vier componisten samengebracht.

En waarom juist Brahms’ tweede symfonie?

In de drie stukken van de aangezochte Lulu-voltooiers – zowel Weberns Passacaglia als Schoenbergs Erste Kammersymphonie of Zemlinsky’s Maeterlick- Lieder – hangt een duistere sfeer. Ik vond dat we deze sfeer met iets opgewekters moesten contrasteren en de keuze viel op de Tweede Symfonie van Brahms! Het is niet onmiddellijk te bestempelen als een ‘vrolijke’ symfonie, maar in dit werk overheerst duidelijk een andere kleur dan in Brahms’ drie andere symfonieën. Maar misschien is de ware reden wel dat ik gewoon veel van deze Tweede Symfonie hou...! (lacht)

Waarom hebt u laatromantische werken gekozen van Schoenberg en Webern, en niet veeleer werken uit hun dodecafone periode?

De stilistische eenheid van het programma heeft hier de doorslag gegeven, omdat de gekozen werken wel nog duidelijk aansluiten bij de laatromantiek, maar toch reeds de vernieuwing in zich dragen. Webern heeft zijn Passacaglia op.1 als proefwerk na zijn studietijd bij Schoenberg geschreven, zoals trouwens ook Berg dit deed met zijn Klaviersonate op.1. Weberns Passacaglia lijkt me al heel modern: het stuk staat weliswaar in de toonaard van d-moll, maar reeds de vijfde toon is absoluut harmonievreemd aan die tonaliteit (lab komt normalerwijze helemaal niet voor in d-moll!), en daarmee vinden we in dit werk van bij het begin ook al een doorbraak naar de toekomst. Hetzelfde geldt ook voor Schoenbergs Erste Kammersymphonie: de harmonie staat hierin nog overduidelijk op een vertrouwde bodem, maar door haar complexiteit, sterk doorgevoerde polyfonie en verwijding van de toonspraak, staat ze tevens aan een keerpunt waar de componist niet verder kon op de ingeslagen weg, tenzij de logische consequenties trekken en de stap naar de atonaliteit zetten.

Is er ook een muzikaal verband tussen deze werken en de Maeterlinck-Lieder van Zemlinsky?

Niet op hetzelfde niveau, maar er is ongetwijfeld een sterke band. Net zoals Schoenberg aan Webern en aan Berg compositielessen gegeven heeft, zo heeft Zemlinsky een tijdlang Schoenberg onderricht. We hebben zijn Maeterlinck-Lieder gekozen, omdat ik denk dat ze tot het sterkste behoren van wat hij geschreven heeft. Daarenboven brengen liederen in dit programma nog een andere kleur.

Sluiten we met dit programma dan meer aan bij Bergs romantische geest dan bij de moderniteit van zijn compositietechniek?

Misschien zou je dat kunnen stellen, maar eigenlijk is het programma veeleer pragmatisch tot stand gekomen. Ons uitgangspunt waren de drie componisten die aangezocht waren om het derde bedrijf van Lulu te voltooien, maar nadien heeft de voorkeur van de dirigent de doorslag gegeven. Ik ben echt gefascineerd door het Wenen van na de eeuwwende van 1900. Ik had in geen tijd liever geleefd! Het is onvoorstelbaar wat er toen in de muziek, in de literatuur, in de schilderkunst... wel bewoog. Naast de Tweede Weense School broeide er veel: kort nadat Schoenberg zijn Erste Kammersymphonie schreef, begon Stravinsky aan zijn vroege balletten met de Vuurvogel, componeerde Debussy zijn grote werken in het impressionisme, en werkte Rachmaninov nog steeds door in een hoogromantische stijl, en dit alles op een onvoorstelbaar hoog niveau. Zo’n rijkdom hebben we sindsdien toch niet meer meegemaakt. Ik ben echt gelukkig met dit programma, want het schetst perfect de tijd waarin ik mij het beste thuis voel.

Opgetekend door Reinder Pols

article - 12.9.2012

 

Lothar Koenigs
Concert

 Drukken

La Monnaie ¦ De Munt
Keep the
lights on!